Vereniging Erfgoed Leidschendam

Postbus 3027
2260 DA  Leidschendam
info@erfgoedleidschendam.nl

Uitgave: Januari 1993

Villa Windlust, een terugblik

Villa Windlust, een terugblik

In deze bijdrage aan het eerste nummer van Erf Goed Nieuws een kijk op de geschiedenis van het voormalige rijksmonument Villa Windlust dat op 21 maart 1992 door brand verloren ging. Voor recent geamveerden in onze gemeente een kort relaas over het meer nabije verleden. Voorts informatie over de bouwdatum en de kunst- en cultuurhistorische waarde.

Zwarte bladzijde

Op zaterdag 21 maart was het dan zover. Wat veel Leidschendammers vreesden, en waar sommigen naar uitkeken, gebeurde: Villa Windlust brandde tot de grond toe af. De ondergang van dit rijksmonument zorgde voor menig artikel in de plaatselijke en gewestelijke pers. Het huis had al eerder de pennen in beweging gebracht. In het voorjaar van 1989 Bad de toenmalige eigenaar, min of meer noodgedwongen, een sloopvergunning bij de minister van WVC aangevraagd. Hij werd hierin gesteund door het gemeentebestuur. Er werden nogal wat bezwaarschriften tegen deze aanvraag ingediend. De minister weigerde de vergunning af te geven en verwees nog naar het eerder door de gemeente verwoorde beleidsvoornemen om uitgerekend Windlust voorrang te verlenen in het restaura-tie-programma. In 1990 verwierf een proJect-ontwikkelaar het huis. Hij gaf m de pers te kennen dat hij Windlust zou laten restaureren. Daarna moest de villa het mooiste huis in de omgeving zijn. Het gemeentebestuur slaakte een diepe zucht: men was van de verantwoordelijkheid af.

In het voorjaar van 1991 verliet de voorlaatste eigenaar zijn woonboot, die vlak naast het huis afgemeerd lag. Windlust stond nu geheel en al verlaten, vandalen kregen vrij spel. In minder dan geen tijd sneuvelde de volledige oude begfazing. De eigenaar interesseerde dat bGjkbaar weinig. Hij zette het terrein niet eens af. Hij was immers te druk bezig met zijn restauratie die van Windlust een eigentijdse woning met vier oude muren moest maken. De ene na de andere aanvangsdatum voor de restauratie verviel. ledere keer was er wel een reden om het werk nog even uit te stellen.
De uiteindelijke afloop van al deze vertragingen is bekend... een hoop stenen, wat verkoolde balken, vragen en raadsels.

Monument of molensteen?

Wat hebben we verloren, op die zaterdagnamiddag? Alleen een 'bouwval'? Een lastige sta-in-de-weg? Of een geschiedkundig object dat letterlijk en figuurlijk een vooraanstaande plaats innam langs de Vlietoever? Jaren geleden nam de Voorburgse ama-teur-historicus Voorhoeve aan dat het huis in 1794 gebouwd zou zijn. Hij deed dit op grond van het feit dat de toenmalige eigenaar van de houtko-perij en -zagerij. Jan Anthonie Prijn, een hypotheek opnam van f 15.000,-. Een fors bedrag, dat zeker, maar of het groot genoeg was om én Windlust én de twee (afgebrande?) houtzaag-molens mee te (her)bouwen valt te betwijfelen.

 nieuwjaarsdag1993.jpg

Nieuwjaarsdag, 1993, Wat rest van Villa Windlust...

Ons wantrouwen groeit als we de boedelbeschrijving   en   inventaris raadplegen die na Prijns overlijden in 1801 werd gemaakt. Wmdlust wordt er in beschreven, de molens eveneens uitgebreid, alsook Prijns schulden (l). Hij was op zijn sterfbed nog f 3.500,- schuldig aan ene Jan Breur uit Delft. De hoofdsom van deze lening was f 50.000,- groot geweest.

Looptijd

De restsom suggereert een aflossings-schema in termijnen van f 500,- of f 1.500,- per jaar. In het eerste geval was er in 1801 gedurende 33 jaar afgelost. Prijn stierf op 44-jarige leeftijd. Een jongen van elf jaar die een vermogen, want dat was f 50.000,- in 1768, leent? Het lijkt vrijwel onmogelijk. Bovendien zou de lening dan een onwaarschijnlijk lange looptijd hebben gehad. Een eeuw: Breur zou zijn geld bij leven niet meer teruggezien nebben! Uitgaande van f 1.500,-aflossing per jaar komen we op elf jaarlijkse aflossingen. Dat lijkt al een stuk reëler. We moeten echter meer in ogenschouw nemen.
Prijn bezat de houtzagerij/handel vanaf 1779 samen met nog twee anderen: zijn schoonvader, de meester timmerman en -schrijnwerker Arnol-dus Theodorus Zoodaar, en... Jan Breur uit Delft. Omstreeks 1783 echter vertrok Zoodaar vrij plotseling naar de Zoeterwoudse Rijndijk om daar een vrijwel identiek bedrijf aan te kopen en voort te zetten. Hij verwierf daar een molenwerf met twee houtzaagmolens en toebehoren, een huis en nog zo het een en ander. Daartoe heeft hij ongetwijfeld zijn aandeel in het Veurse bedrijf te gelde moeten maken. Het is niet ondenkbeeldig dat Jan Breur dit financiële gat heeft opgevuld. De jonge, pas gestarte Prijn was daartoe zeker nog niet in staat.

Hypotheek

De rente in die dagen zweefde tussen de 3,5 en 4%. Pnjn was alleen aan rente zeker meer dan f 1500,- per jaar kwijt. Nu was keurig netjes rente betalen en aflossen voor veel mensen in deze periode, met een sterk stagnerende economie, moeilijk zo niet onmogelijk. Ook de bouwmarkt kromp in en dat was nu juist de sector waarin Prijn met zijn bedrijf werkzaam was. Rente plus aflossing zo'n drieduizend gulden per jaar, Prijn heeft het waarschijnlijk gewoon niet gered. (Ter vergelijking: geschoolde, ervaren vaklieden in de bouw verdienden bijvoorbeeld f 1,10 per gewerkte dag!) Als de rente al betaald kon worden, de aflossingen zullen zeker problemen hebben gegeven. Het is met ondenkbeeldig dat Breur na üen jaar gezegd heeft: 'Waar je het vandaan haalt kan me niet schelen, maar ik wil geld zien.' Er stond Prijn in dat geval maar één weg open:een hypotheek nemen op zijn bezit ter grootte van het opgeëiste bedrag. Let wel: dit zijn allemaal slechts veronderstellingen. Er is evenzogoed nog wel het een en ander dat deze denkwijze ondersteunt.

 

hofje1768.jpg

Het Hofje van Severie, Noordeinde 104 t/m 120 Zoodaar, 1768. Eén van de drie nog bestaande door Zoodaar ontworpen en gebouwde hofjes.

De vrouw van Jan Anthonie Prijn, Stephana Zoodaar en dochter van genoemde Amoldus, werd sinds het najaar van 1793 verpleegd in een inrichting voor geesteszieken te Beverwijk (2). Zij stierf op 10 december 1795. Jan Anthonie en Stephana hadden drie kinderen. Als we ons in Prijns situatie proberen te verplaatsen lijkt het tamelijk onwaarschijnlijk dat een man, geplaagd door zorgen, door verdriet wellicht, aan het hoofd van een onvolledig gezin en een minder goed renderend bedrijf zich in het avontuur van een grootscheepse nieuw- of verbouw van zijn huis stort.
Als we terugbladeren naar het contract uit 1779 komen we nog meer te weten (3). Allereerst dat Jan Breur zich niet met de bedrijfsvoering bemoeide. Hij stak er alleen geld in. Zoodaar en Prijn gaan beiden op de molenwerf wonen, maar niet in hetzelfde huis. Prijn gaat in het oude huis wonen, het huis van Elizabeth van Speijk, de eigenaresse van de firma tot het moment dat Zoodaar zich in 1768 inkocht (4). Dat huis was overigens in 1768 al niet best meer. Heel nadrukkelijk staat tevens vermeld dat de kas van de houtzagerij bewaard zal gaan worden in het huis van Zoodaar. Deze woning is het verleden jaar, dus in 1778, nieuw opgebouwd. Dat huis kan niet anders dan Windlust zijn geweest. 

Bouwstijlen

Uit andere bronnen weten we dat Zoodaar in staat was zo'n huis te ontwerpen en te laten bouwen. Wat is er logischer dan te veronderstellen dat Prijn na het vertrek van Zoodaar in 1783 zélf in het mooie, nieuwe huis is gaan wonen? En zou dat dan in 1794 al vervangen of verbouwd moeten zijn? Een enkele vermelding van een hypotheek voldoet zeker met om deze stelling staande te houden.
Zestien jaar ouder dan we dachten, wat maakt het uit?

denneweg.jpg

 Denneweg 6 t/m 12, van Maco t/m Grillroom, eveneens rond 1765 door Zoodaar als een stuk ISe-eeuwse projectontwikkeling ontworpen en gebouwd.

Met name in de achttiende eeuw heel veel. Maar liefst vijf bouwstijlen volgen elkaar op in deze tijd. En terwijl Heel Nederland nog in de nadagen van de Rococo, die uitbundige, door het hof van Lodewijk XV geïnspireerde, stijl verkeert, verrijst daar langs de Vliet in een onbeduidende vlek genaamd Veur een hypermodern huis: Villa Windlust. Een toonbeeld van evenwicht en eenvoud en tot nu toe het vroegste neo- classicistische huis in ons land. Voor de tweede maal, opnieuw (neo), ontdekt Europa de bouwkundige ontwerp-uitgangs-punten van de klassieke Romeinse en Griekse architectuur. Het landelijke Veur liep voorop, althans in ons land. Villa Windlust was echter ook de verwezenlijkte droom van een meester timmerman, aannemer en ontwerper uit de tweede helft van de achttiende eeuw. Het huis verschafte op die manier belangrijke informatie over de opvattingen omtrent juist en welstan-dig bouwen in die tijd. Ook dat maakte Windlust uniek. Over de bouwhistorische en stedebouwkundige waarde hebben we het voorlopig nog niet. Een volgend nummer van Erf Goed Nieuws zal daarvoor wellicht ruimte kunnen bieden.
Op dit moment kunnen we volstaan met de stelling dat op zaterdag 21 maart 1992 er heel wat meer afbrandde dan een 'bouwval' die de door sommige lieden voorgestane opstuwing van onze gemeente in de vaart der volkeren verhinderde.

drs. L.H. van der Meule

Leo van der Meule (1954) studeerde Middeleeuwse geschiedenis aan de R.U. Leiden, aangevuld met Middeleeuwse archeologie (G.U. Amsterdam). Aan de T.U Delft volgde hij colleges en practica op het gebied van restaureren van gebouwen en wat daarmee samenhangt. Hij is vaste medewerker van het blad 'Heemschut' van de gelijknamige Bond en is werkzaam als zelfstandig onderzoeker en publicist met betrekking tot monumen-tenbescherming, bouwhistorie en aanverwante gebieden.

dorpskerk1794.jpg
De in 1794 gebouwde dorpskerk (N.H.) van Bonthuizen waarbij Zoodaar zeker als leverancier van materialen en aannemer, maar wellicht ook als ontwerper, betrokken is geweest.

Noten
(1) Leiden, Gemeente Archief, notarieel archief notaris Th. van Bergen no. 2712 fol. 708 vso. 21 okt. 1801
(2) idem, notaris J. l'Ange Jozuéz no. 2237 acte no. 74 d.d. 21 nov. 1795
(3) Delft, Gemeente Archief, notarieel archief no. 3136 fol. 420 e.v. d.d. 25 mei 1779
(4) 's-Gravenhage, Gemeente Archief, notarieel archief no. 4218 fol. 970 d.d. 14 nov. 1768 idem, notarieel archief no. 4219 fol. 101/102 d.d. 18 maart 1769


Terug naar overzicht

Laatste publicatie

Erf Goed Nieuws mei 2021
mei 2021, jaargang 29, nummer 1

Erf Goed Nieuws mei 2021

Erf Goed Nieuws mei 2021

Lees verder Alle publicaties